Aanmelden voor de nieuwsbrief Door Opsteen | advocaat in vastgoed


Gemeente schendt inspanningsverplichting.

Projectontwikkelaars sluiten regelmatig overeenkomsten met gemeenten over de ontwikkeling van een gebied. In zo’n (samenwerkings)overeenkomst spreekt een gemeente af dat zij zich inspant om de noodzakelijke bestemmingswijziging door de procedure te loodsen. Daaruit ontstaat dus een inspanningsverplichting voor die gemeente. Begaat de gemeente tijdens deze procedure een eenvoudig te vermijden fout, dan kan de gemeente schadeplichtig zijn. Ondanks dat zij slechts een inspanningsverplichting op zich heeft genomen. Een zaak die begin 2015 tot een arrest van Gerechtshof Den Haag leidde, maakt dit duidelijk.

Wat speelde er?

Een projectontwikkelaar sloot in mei 2009 een samenwerkingsovereenkomst met een gemeente. In deze overeenkomst sprak de gemeente af zich in te spannen voor de realisatie van woningbouw in een bepaald gebied. De projectontwikkelaar sprak af om het plangebied bouw- en woonklaar te maken. Diezelfde maand nog, stelde de gemeenteraad een bestemmingsplan vast. In dat plan werden enkele bedrijven binnen het plangebied wegbestemd. Zij moesten zich dus verplaatsen. In de tussentijd werden zij onder het overgangsrecht gebracht.

Die bedrijven (onder andere) dienden in eerste instantie zienswijzen in waarin zij wezen op de (nadelige) milieuconsequenties. Omdat dit zonder resultaat bleef, stelden zij vervolgens met succes beroep in tegen het bestemmingsplan. De Raad van State vernietigde het besluit tot de vaststelling ervan. Volgens haar bestond een reële kans dat de eerste woningen gerealiseerd zouden zijn voordat de wegbestemde bedrijven waren vertrokken.  In dat geval kon er, vanwege de geluidsuitstraling van de bedrijven, geen aanvaardbaar woon- en leefklimaat worden gegarandeerd. Dat bleek onder meer uit een akoestisch rapport dat de gemeente had laten opstellen. Dat rapport had de gemeente alleen pas ná in plaats van vóór de vaststelling van het bestemmingsplan laten opstellen. Daarom oordeelde de Raad van State dat het bestemmingsplan was vastgesteld in strijd met de vereiste zorgvuldigheid.

Na de vernietiging van het bestemmingsplan besloot het college in 2012 het erbij te laten en het bestemmingsplan niet opnieuw aan de gemeenteraad voor te leggen. Het project was volgens het college niet langer financieel uitvoerbaar. De projectontwikkelaar in kwestie wendde zich daarop tot de burgerlijke rechter om de schade te verhalen op de gemeente. Zijn verzoek werd geweigerd bij de rechtbank, maar in hoger beroep werd hij wel in het gelijk gesteld.

Toch gelijk

Gerechtshof Den Haag oordeelde dat hier sprake was van onzorgvuldige besluitvorming. Dat leverde een toerekenbare tekortkoming op in het samenwerkingsverband met de projectontwikkelaar. De gemeente had die tekortkoming namelijk eenvoudig kunnen voorkomen door vóór de vaststelling van het bestemmingsplan een akoestisch rapport op te laten stellen. Daarnaast had de gemeente heel eenvoudig een passend bouwvoorschrift aan het plan kunnen verbinden om de geluidsproblematiek op te lossen.

Het verweer van de gemeente dat op haar slechts de inspanningsverplichting rustte ten aanzien van het opstellen van het planologisch kader voor het project hield geen stand. Het hof oordeelde dat de gemeente de inspanningsverplichting zorgvuldig had moeten nakomen. Eenvoudig te voorkomen fouten mocht de gemeente dus niet maken. Iets wat de gemeente dus wel degelijk had gedaan.

De gemeente heeft nog tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld, maar ook dat mocht de gemeente niet baten. De Hoge Raad heeft dit beroep namelijk verworpen.

Dus

Eenvoudig te voorkomen fouten kunnen leiden tot een tekortkoming in de nakoming van een samenwerkingsovereenkomst tussen een gemeente en een projectontwikkelaar. Ook wanneer de gemeente ‘slechts’ een inspanningsverplichting op zich heeft genomen. Een gemeente moet namelijk ook dan zorgvuldig handelen. Dat betekent natuurlijk niet dat de gemeente bij bijvoorbeeld een bestemmingsplanprocedure een uitkomst kan garanderen, maar een gemeente moet in zo’n geval wel een in principe foutloze bestemmingsplanprocedure doorlopen. Doet de gemeente dat niet, dan helpen ook aansprakelijkheidsbeperkingen in zo’n overeenkomst de gemeente niet. Gemeentes gaan dus niet altijd vrijuit wanneer plannen uiteindelijk niet worden gerealiseerd.


Wij beschikken over de expertise en adviseren u in begrijpelijk taal.

Neem contact op
Bel (0413) 787 147

Of stuur ons een e-mail

Dit is een betaald artikel

Om dit artikel te lezen heb je ons kennisabonnement nodig. Blijf voor €10 per maand op de hoogte van alle zaken binnen het vastgoedrecht.

Abonneer je nu

U bent op zoek naar
vastgoed advies?

Laat uw gegevens achter en wij bellen u binnen 24-uur terug.



Boek: Grond verhuren als overheid?

5 manieren om het aan te pakken.

Nu bestellen